By

De architectuur en interieurs van De Stijl zijn wereldberoemd. Over het ontstaan van deze beweging is minder bekend. Deze zomer tonen Gemeentemuseum Den Haag en Het Nieuwe Instituut een overzicht van tekeningen, maquettes en meubelstukken van deze invloedrijke kunstbeweging.

In 2017 viert Nederland 100 jaar De Stijl met het feestjaar Mondriaan tot Dutch Design. Met ’s werelds grootste Mondriaan-collectie – en tevens een van de breedste De Stijl-collecties – is het Gemeentemuseum het middelpunt van dit feestelijke jaar. De tentoonstelling Architectuur en interieur. Het verlangen naar Stijl zet de toegepaste ontwerpen van de Nederlandse aanjagers van modernistisch design in de schijnwerpers.

Aan de hand van de thema’s kleur, ruimte, transparantie en technische innovatie toont de tentoonstelling de wortels van De Stijl in de 19e eeuw. Bezoekers zien hoe de kunstenaars en ontwerpers van De Stijl schatplichtig zijn aan de generaties voor hen: ze eigenden zich bestaande technieken toe en gaven nieuwe invullingen aan concepten, thema’s en ideeën van ingenieurs en vaklieden. Tegelijkertijd worden ook de verschillen duidelijk: in tegenstelling tot hun voorgangers en tijdgenoten, die veelal functionele oplossingen zochten bij problemen, beschouwden de leden van De Stijl kunst als dé oplossing.

De tentoonstelling combineert tekeningen, maquettes, schilderijen, voorwerpen en meubelstukken van aan De Stijl gelieerde kunstenaars met ontwerptekeningen en ruimtelijke objecten vanaf de late 19e eeuw. Op die manier wordt ontrafeld hoe de leden van De Stijl een radicaal nieuwe vormentaal scheppen, maar ook bestaande technieken en materialen toepassen om hun ideeën te verwezenlijken. Veel ideeën van de architecten en vormgevers van De Stijl blijken richtinggevend voor de internationale architectuur en zijn ook nu nog van invloed op onze manier van wonen en leven.

De Stijl

Rond het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog waart er een vernieuwingsdrang door het neutrale Nederland. Een nieuwe generatie kunstenaars, architecten en vormgevers wil de heersende traditie van gemeenschapskunst verder ontwikkelen, maar in een compleet nieuwe beeldtaal.

Zij vinden de gedecoreerde huizen van bruine bakstenen met hun donkere interieurs ongeschikt voor de moderne samenleving. Het alledaagse leven moet plaatsvinden in een sprankelende, open omgeving, vormgegeven in een abstracte vormentaal.

In 1917 vraagt kunstenaar, architect en criticus Theo van Doesburg (1883-1931) verschillende avant-garde kunstenaars in Nederland artikelen te schrijven voor zijn kunsttijdschrift De Stijl. Op de cover staat dat De Stijl een bijdrage wil leveren aan “de ontwikkeling van het nieuwe schoonheidsbewustzijn,” met als bedoeling “den modernen mensch ontvankelijk [te] maken voor het nieuwe in de Beeldende Kunst.”

Theo van Doesburg

Het tijdschrift groeit al snel uit tot een beweging van kunstenaars en ontwerpers die menen dat kunst en leven in een moderne wereld aan elkaar zijn gelijkgesteld. Zij propageren een nieuwe universele stijl die moet beantwoorden aan een moderne samenleving. Een stijl waarin architectuur en schilderkunst gelijkwaardig zijn en die vormgeving in de breedste zin tot kunst maakt.
 
Zij zien niet alleen schilderkunst, beeldhouwkunst en architectuur als hun werkterrein, maar ook meubels, kleding, reclame-uitingen, verpakkingen, huizen, straten en zelfs hele steden. Vormgeving van de directe leefomgeving heeft invloed op de levenshouding van de mens, zo redeneren zij.

Gerelateerde berichten

In de showroom van Alno is het opvallend rustig. De prachtige keukenopstellingen worden door...

Van 3 t/m 8 oktober openen de deuren van de vt wonen&design beurs in Amsterdam. Bulthaup is dit jaar...

AV Flakkee organiseert zaterdag 16 september de 14de editie van de Tieleman Keukens Run. Tijdens...

Leave a Reply